Monday, March 12, 2007

Als we niet geholpen worden, komen we hier nooit meer weg

(lees eerst het verhaal hieronder en... excuses voor de grove taal. Ik doe dat jullie tere hartjes liever niet aan, maar geloof me..... ik heb VEEL erger moeten doorstaan vandaag)

Ik wordt om zes uur in de ochtend wakker door de opkomende zon. Een half uur lang probeer ik iemand aan te houden om me te helpen, zonder succes. De autodokter die gisteravond naar mijn auto heeft gekeken, heeft me verteld dat ik waarschijnlijk een kilometer zou kunnen rijden voordat mijn auto weer een uur zou moeten afkoelen. Een kilometer is meer dan geen kilometer. Ik start de auto. Na een halve minuut begint de temperatuurmeter op mijn dashbord gevaarlijk te stijgen. Bij de eerste de beste zijstraat sla ik af en parkeer ik. een paar honderd meter verder staat een huis.

Een takelwagen is onderweg. Ik heb een telefoontje kunnen plegen in het huis en het lokale takelbedrijf heeft me weten te vertellen dat ik over een uur een wagen kan verwachten en.... dat het me 165 dollar gaat kosten voor die rit alleen. Zo is het dan maar. Ik zit in mijn auto en lees een boek.

'Who'reye deeing 'ere?'. Een Oudere man in een fourwheel pickup parkeert naast me en, als ik me niet vergis, vraagt aan me wat ik hier doe. Ik leg mijn situatie uit en hij en zijn dochter(?) stappen uit. Ik zie dat hij geen voortanden meer heeft en zijn accent is bijna onmogenlijk te verstaan. Als ik hem vertel hoeveel de rit me gaat kosten roept hij: "Whoa! Fuck THEM cunts! Oi'll ge' yeh there for 20 bucks". Ik neem zijn aanbod aan. Met een touw maakt hij een takel en 2 minuten later zijn we onderweg naar de stad. Onderweg passeren we de takelwagen. Hij steekt zijn middelvinger uit het raam. Ik heb een grote grijns op mijn gezicht.

We parkeren bij een tankstation, waar hij een kijkje in mijn auto neemt. Mijn radiator blijkt letterlijk geexplodeert te zijn. Een groot stuk is er uit. Ik heb een nieuwe nodig. Ik vraag hoeveel me dat gaat kosten en hij zegt dat hij er wel een voor me in wil zetten omdat de mensen in de garage 'cunts' zijn die al mijn 'fucking' geld zullen afpakken.

We zijn onderweg naar een 'carwrecker'. Terwijl we onderweg zijn pakt hij de telefoon. Ik kan slechts de helft van het gesprek verstaan, maar ik hoor hem vragen naar 'bush' en ik weet inmiddels dat dat een soort wiet is. Als hij klaar is vraagt hij aan me of ik rook en ik weet waar de klepel hangt. Ik vertel dat ik uit amsterdam kom en hij en zijn dochter, waarvan ik begin te vermoeden dat ze helemaal zijn dochter niet is, beginnen triomfantelijk te lachen. Voor hun kom ik uit Nirvana. Ik stel mezelf op dit moment maar voor. Hij heet Mick en zij heet Mel. Hij vertelt me dat hij een paar auto's heeft staan die hij wil verkopen om de staat uit te verhuizen. Hij is een maand geleden opgepakt met een pond wiet en heeft 21.000 dollar moeten betalen aan de staat. Ik besef me, naarmate hij me meer verteld, dat ik met een drugsdealer in de auto zit.

Mick is hyperactief en fucking enthusiast over alles. Mel lacht alsof ze fucking stoned is. Het woord 'rednecks' is voor dit soort mensen uitgevonden. We komen aan bij de 'carwreck'. Het is een gigantische autokerkhof waar mensen onderdelen uit de auto's daar mogen slopen en voor weinig geld kunnen kopen. We slopen een radiator uit een oude Subaru ('let's get that cunt out of there') die er goed uit ziet. Het kost me 60 dollar.

Dan zijn we onderweg naar zijn huis waar we iets moeten ophalen. We passeren een bauwplaats vaar een stuck of tien bulldozers staan. Mel wijst ernaar en Mick en Mel beginnen hard te lachen. 'Yeah man, no fucker is camping there, I'm gonna fucking go there tonight!'. Hij wil er heen om de benzine te stelen. Ik begin wat nerveus te worden. Ik zit met een drugsdealer en dief in de auto en ik ben onderweg naar zijn huis. Maar ik ga maar gewoon mee met zijn grapjes en zing mee als hij, luidkeels meezingt met liedjes van een bandje dat uit de jaren 70 lijkt te komen en volgens mij de enige muziek die hij ooit luisterd.

Zijn huis staat midden in een stuk bush. Het is een huis op palen. Er staan een stuk of zes koeien in de schaduw. Mick begint nu helemaal te freaken. 'Fucking cunts fucking up my cars. Fuck off!!'. Als we uitstappen begint hij stenen te gooien naar de koeien om ze weg te jagen van de auto's die ook onder zijn huis staan. Mel loopt naar binnen 'Where is is!?' roept ze herhaaldelijk. 'I'm fucking you!' roept Mick terug. 'Fuck you!' antwoord Mel. Mick loopt naar binnen, komt naar buiten met een zat wiet, zegt 'lets go' en we rijden weg. Dan ziet hij dat de koeien weer onder zijn huis staan en hij draait de auto om en geeft gas. Scheldend en tierend rijdt hij op de koeien in. Hij rijdt achter ze aan en tegen ze aan totdat ze een flink eind zijn weggevlucht.

Op de terugweg begint Mick zwaar te kankeren op Mel en op vrouwen in het algemeen. Hij geeft me veel handige tips: 'Never Kiss em, then you just fall in love and they fuck you over'. Mel kent hij blijkbaar een paar weken, maar alles wat ze wil doen, zegt hij, is 'getting flogged' (stoned worden) en hij heeft genoeg van haar manipulatieve onzin. Als we weer bij mijn auto aankomen zit hij met een vriend aan de telefoon. 'I don't need that fucking cunt, she's just fucking me up, you can take her. She's getting on my nerves. I'm gonna put a fucking bullet through her head, no joking'.

Samen zetten we mijn nieuwe radiator in mijn auto. Hij is razend snel en effectief. Binnen tien minuten is mijn auto zo goed als nieuw. Ik bedank hem en bied hem 160 dollar aan voor de moeite, maar hij wil niet meer dan 80 dollar aannemen. Ik krijg zijn telefoonnummer en hij wenst me het beste.

Australische vriendelijkheid op zijn best.

4 comments:

Anonymous said...

Jeetje thijs man, wat een verhaal! fantastisch!

Ik kan je verzekeren dat je autralische dollars voor internet niet verspild zijn...vele genieten van je avonturen!

Ga zo door kerel, en voorzichtig met die bak van je.
kus k

Anonymous said...

mooi verhaal thijs!!! lang leve de 'goede' hulpvaardige medemens, haha,
Dikke zoen

Anonymous said...

lieve Matthijs,
never a dull moment!! Daar gaat het om. Nou dat scheelt ook wel een paar centjes zeg, en ik had het hulpgeld nog wel zo snel overgemaakt. Nou dan heb je nog een extra potje.
Wel fijn dat ie weer rijdt....the beast. Ook prettig dat er nog prettige en behulpzame mensen zijn, top. En nogwel een ouwe canabist.
Enfin.. op naar het noorden en naar het midden van het rode eiland Australialia. Heb het goed ouwe reus, hou je soepel en spits.
liefs Mariëtte

Unknown said...

Hehehe.
Het verhaal klonk nog mooier over de telefoon. Goed je weer gesproken te hebben broeder.

Keep it up en zorg voor veel water in je auto. Dan komt alles altijd goed.

grtz,
Menno